
Geert Janssens (1968) is hoofdeconoom bij VKW Metena en is licentiaat-doctorandus in de Economische Wetenschappen alsook Master in Corporate Finance. Hij publiceerde vooral rond macro-economische onderwerpen en de werking van de arbeidsmarkt.
| Fiscale cadeautjes die zullen moeten sneuvelen |
| Geschreven door Geert Janssens |
| dinsdag, 13 september 2011 14:44 |
|
Jaarlijks rateert onze fiscus voor 25 miljard euro aan inkomsten ten gevolge van allerlei fiscale aftrekken in de personenbelasting. Een toestand die ondhoudbaar is, gegeven de precaire toestand van onze openbare financiën. Minstens een aantal van deze fiscale cadeautjes zullen moeten sneuvelen. De aftrek voor dienstencheques ligt reeds nadrukkelijk in het vizier. Maar volgens ons kan er ook op de woningaftrekken flink worden bespaard. Een wir war van uitzonderingenDat ons fiscaal systeem bulkt van de uitzonderingen die de belastbare basis onderuit halen, zou u niet mogen verwonderen. Nog nooit was de belastingaangifte zo complex. Het aantal aftrekken nam het voorbije decennium exponentieel toe en is opgelopen tot meer dan 130. De personenbelasting werd steeds meer een speeltuin voor Sinterklaaspolitiek. Niet alleen de wildgroei maar ook twijfels over de effectiviteit van deze werkwijze vragen om een rationalisatie van het aantal maatregelen en aftrekposten. Er zijn echt wel betere manieren om te komen tot een vergroening van onze economie (Cf aftrekken voor energiebesparende uitgaven, zonnepanelen, passiefhuizen, schone wagens, roetfilters,...) of het voeren van een sociaal beleid. Vele kleintjesHet kortwieken van de lange lijst aftrekken zou de belastingaangifte ongetwijfeld een flink stuk vereenvoudigen. Maar zou het ook iets opbrengen voor de schatkist? Voor heel wat recente maatregelen gaat het uiteindelijk over kleine bedragen. Het voordeel is dat ze snel kunnen worden geliquideerd zonder al te veel electorale heisa. Een uitzondering zijn de dienstencheques in welk geval het kostenplaatje van de aftrek vandaag naar schatting oploopt tot meer dan 200 miljoen euro (70 miljoen euro in 2007). De kostprijs van deze aftrek is niet te verwarren met de totale kostprijs van het systeem die 2 miljard euro beloopt maar het spreekt voor zich dat de volgende regering de fiscale aftrekbaarheid van dienstencheques naar alle waarschijnlijkheid zal beperken, zo niet afschaffen. Grote bedragenWie zoekt naar grotere bedragen werpt best een blik op tabel 1. Daar springen de belastingvrije sommen in het oog. Met 9,6 miljard euro aan gederfde inkomsten voor het inkomstenjaar 2007 zijn ze de duurste aftrekpost. Hier verwachten we niet meteen een grote verandering of forse besparingen. En dat is maar goed ook want prutsen aan het belastingvrij minimum zou grote gevolgen hebben voor de progressiviteit van het systeem. Ook wat valt onder de noemer 'sociaal beleid' (verminderingen voor pensioenen, vervangingsinkomens, kinderbijslagen,...) en de aftrek van beroepskosten mag buiten schot blijven. Voor vervangingsinkomens zou je, bijvoorbeeld, de aftrek voorwaardelijk kunnen maken aan de bereidheid tot het zoeken van werk maar ook nu geldt dat een activeringsbeleid niet via de fiscaliteit moet worden gevoerd. Tabel 1 – Kostenplaatje fiscale aftrekken in de personenbelasting Bron: Federale begroting Hypothecaire aftrekkenWat volgens ons wel nadrukkelijk in het vizier zou mogen komen te liggen, zijn de aftrekposten die te maken hebben met het verwerven van een eigen woning. De kostprijs hiervan loopt op tot ongeveer 2 miljard euro terwijl de effectiviteit ervan duchtig in vraag mag worden gesteld. Internationaal onderzoek toont namelijk aan dat het kunnen aftrekken van intresten en kapitaalaflossingen van hypothecaire leningen vooral prijsverhogend werkt. Wie een woning verwerft, rekent het belastingvoordeel immers door bij het bepalen van zijn terugbetalingscapaciteit. Het grotere lening is vaak het resultaat. Omdat ook banken en vastgoedmakelaars daarin zeer bedreven zijn, worden de prijzen op die manier kunstmatig in de hoogte gejaagd. Wat voor de staat een minderinkomst is, wordt in de praktijk een marktverstorende subsidie van 2 miljard euro per jaar. Vastgoedzeepbel?Een bijkomend gevaar van de vele aftrekken maar ook subsidies voor de woningmarkt in het algemeen, is dat ze via prijsstijgingen het vastgoed tot een interessante belegging maken. Die beleggingsvraag stuwt de prijs nog meer in de hoogte waardoor een zeepbel kan ontstaan. De ervaringen in de VS, Ierland en Spanje tonen aan dat dit gevaar niet denkbeeldig is. Hiermee hebben we nog niet gezegd dat de Belgische woningmarkt is uitgegroeid tot een zeepbel. Het spreekt evenwel voor zich dat ook bij ons de prijzen de afgelopen decennia onwaarschijnlijk snel zijn gestegen. Verschillende internationale gezaghebbende bronnen schatten de overwaardering dan ook binnen een range van 20 tot 50%. Ze komen tot die conclusie door de Belgische prijsstijgingen te vergelijken met die in het buitenland. Andere knipperlichten zijn de veel snellere stijging van de huizenprijzen in vergelijking met de huurprijzen of de stijging van onze nationale welvaart. Het beperken of afschaffen van de betreffende fiscale maatregelen zou de overwaardering mogelijks doen terugdraaien. Insiders wijzen in dat geval op de mogelijke gevaren voor een ineenstorting van de Belgische huizenmarkt. Internationale ervaring leert echter ook nu dat het beter is om de lucht – als ze er is - zo vroeg mogelijk uit de bel te laten. Naar een grote fiscale hervormingWat er ook mogen aan zijn van een overwaardering van de Belgische vastgoedmarkt, het subsidiëren van prijsstijgingen in tijden van besparingen, is onhoudbaar geworden. Ook moeten we vaststellen dat in het Belgisch fiscaal systeem de belastbare basis te veel werd onderuit gehaald? De gehanteerde manier van werken heeft bijgedragen tot een steeds grotere complexiteit en ondermijnt de efficiëntie van het fiscaal beleid. Het controleren van de talrijke aftrekposten is bovendien zeer tijdrovend, vaak zelfs ondoenbaar. We pleiten hier zeker niet voor de invoering van een vlaktaks maar het drastisch verminderen van de complexiteit zou ook de efficiëntie van het inningsysteem ten goede komen. Ook via die weg liggen vele honderden miljoenen euro aan besparingen in het verschiet. |
Reacties
1/ Veeleer dan het afschaffen van de fiscale aftrekposten, kan beter gekeken worden naar het afschaffen van de groene premies. In totaalbedrag allicht niet evenwaardig, maar als signaal zou het veel overtuigender zijn om de premies voor zonnepanelen, isolaties, stroomcertificaten, etc. af te bouwen. Zo’n premies zijn in crisistijden een verkeerd signaal (tout va bien madame la marquize) en verhogen de prijzen omdat je een vastgoedmarkt aan twee snelheden creëert.
2/ Een hoge fiscaliteit (registratierechten) is net dé remedie tegen vastgoedbubbels. Blijf daar dus als overheid af of je zal (buitenlandse) speculanten aantrekken die casino-gewijs zullen kopen en doorverkopen… dan pas zijn we een bubble aan het kweken. Bovendien is er niet meteen een reden om aan te nemen dat prijzen gebubbeld zijn zolang ze gelijke tred met de inflatie houden. De prijzen van afgelopen decennium zijn niet zo afwijkend van wat de nominale rente indiceert, enkele cruciale demografische factoren in acht genomen. Bovendien alludeert het artikel allicht naar de vaak geciteerde IMF- en OESO-studies. Maar die houden in hun methodologie geen rekening met het hoge aantal huiseigenaars (waardoor hun huurratio vertekend wordt). Tevens blijft de vraag hoe die huurprijzen verwerkt zijn in de studie… want bij mijn weten worden de huurprijzen nog altijd niet officieel ontsloten in België.
3/ Dat de prijzen in de toekomst gecorrigeerd zullen worden door een dalende koopkracht is zeker, maar dat is nog geen reden om te spreken van een structurele overwaardering. De wanverhouding van koopkracht-huizenprijzen is inderdaad zeer groot. Dat wordt vooral geboost door ouders die kinderen helpen bij de aankoop van de woning van hun kinderen. Maar dat blijkt van alle tijden te zijn. Wat de cijfers het afgelopen decennium zeker heeft gepimpt, zijn de vastgoedinvesteringen in het kader van de fiscale amnestie. Wie in vastgoed investeerde, kon rekenen op een verlaagd tarief. Dat effect moet dus nog uit de cijfers. Anderzijds zit je met demografische factoren als vergrijzing, gezinsuitdunning en migratie die ervoor zorgt dat de vraag groot blijft… wat meteen de beste garantie is tegen een crash.
Om algemeen beschouwend af te sluiten: de belastingdruk is in België al maximaal, het verwerven van een eigen woning is één van de weinige fiscale stimuli waar de burger nog zelf iets aan heeft. De vijver staat al op de bodem, laat de laatste vissen nog zwemmen. De onvermijdelijke besparingen dreigen te leiden tot een heksenjacht bij uitgerekend diegenen die inspanningen doen om zelfredzaam een potje bijeen te sparen. En degenen die blijven teren op het overheidsapparaat worden ongemoeid gelaten. Moet de overheid in een overheidscrisis, want daar spreken we toch over, zelf niet de tering naar de nering zetten? Ik vermoed dat VKW daar als spreekbuis voor de bedrijfswereld veel meer achterstaat… dan wel de jacht op de particulier op te drijven.
Verder spreekt u van het verhogen van de registratierechten. Dat is pas een echte belastingverhoging. Deze rechten werden destijds verlaagd om de mobiliteit te stimuleren. Of er nood is aan een anti-speculatie taks zoals u dan noemt, kan ik niet beoordelen. Niets sluit uit om die registratierechten op te trekken en gelijk de fiscale aftrekken af te bouwen. Maar men zou dan eerst eens moeten onderzoeken hoe gevoelig de markt is voor hogere registratierechten. Anders gaan die hogere rechten weer te leiden tot hogere prijzen en dan betalen de huiseigenaren toch weer mee.
Wat de complexiteit van de fiscaliteit betreft, als je de nota goed zou hebben gelezen dan zou je weten dat erin staat dat er dringend komaf moet worden gemaakt met het misbruiken van de fiscaliteit voor allerlei nevendoelstellingen. Het is een wirwar van aftrekposten geworden.
Wat de hoge prijzen betreft. We zeggen niet dat we op een bubbel zitten maar willen wel waarschuwen. In de VS, Spanje of Ierland dacht ook iedereen dat er niets aan de hand was. Volgens McKinsey, een bron waarnaar ik nog niet had verwezen, stegen de prijzen bij ons het meest sinds 1970. De vastgoedsector komt altijd op de proppen met dat argument van de huurprijzen en de huurmarkt. Maar daarmee is niets gezegd over een mogelijke overwaardering die overigens ook wordt gesuggereerd door tal van andere indicatoren. Overigens, als er geen overwaardering is, dan is dat een extra argument om de fiscale aftrekken af te bouwen want dan moeten we zeker niet vrezen voor een ineenstorting van de markt.