
Geert Janssens (1968) is hoofdeconoom bij VKW Metena en is licentiaat-doctorandus in de Economische Wetenschappen alsook Master in Corporate Finance. Hij publiceerde vooral rond macro-economische onderwerpen en de werking van de arbeidsmarkt.
| Grondige hervorming financïële architectuur blijft uit |
| Geschreven door Geert Janssens |
| maandag, 19 april 2010 11:37 |
|
Terwijl de wereldeconomie nog ligt te bekomen van een immens grote financiële ramp blijft het voor beleidsverantwoordelijken en toezichthouders voorzichtig aftasten naar wegen die leiden tot een meer crisisbestendige financiële architectuur. Twee levengrote knelpunten staan fundamentele hervormingen in de weg. Zo blijft een coherent en algemeen aanvaard alternatief voor de huidige financiële structuren uit. Echter, ook de weerstand van de sector tegen hervormingen vormt een steeds groter wordende hindernis nu deze aan kracht en vertrouwen herwint. Duivelse praktijkenDe weerstand van de sector is begrijpelijk vanuit het standpunt van wie er in zit. Afgelopen week werd nog maar eens duidelijk hoe lucratief het huidige systeem is geweest voor de grote jongens. De Amerikaanse beurswaakhond SEC heeft zakenbank Goldman Sachs beschuldigd van fraude. Goldman Sachs zou destijds hypotheekinvesteringen hebben verkocht die eigenlijk zo ontworpen waren dat ze zouden mislukken. De investeringsbank verkocht die producten zonder haar klanten op de hoogte te brengen van het feit dat het hefboomfonds van John Paulsen tegen de onderliggende aandelen zou speculeren, nota bene op advies van Goldman Sachs. Dat strijkt niet alleen tegen de haren van eender welke deontologie maar is ook juridisch aanvechtbaar. Inmiddels wordt vermoed dat ook andere banken zich schuldig hebben gemaakt aan dit soort praktijken. De naam van Merryll Lynch is daarbij reeds gevallen. Bonussen afschaffen?De vraag die heden voorligt, is hoe men zulke belangentegenstellingen in de toekomst kan vermijden. Het ontradend effect van ex-post bestraffing werkt blijkbaar niet in een omgeving waar zulke grote bedragen kunnen worden opgestreken. Het individueel belang overschaduwt en schaadt dan het algemeen belang. De kans is klein dat de gedupeerden ooit hun geld zullen terugzien. Precies daarom is voorkomen beter dan genezen. De meest voor de hand liggende piste om de belangentegenstellingen in te dijken, lijkt het aan banden leggen van bonussen. Blijkbaar zetten die in de praktijk aan tot oneervol en risicovol gedrag. Vooral in Europa lijkt men deze weg te willen volgen. De maatregel ruikt evenwel te veel naar symboolpolitiek. Met het afschaffen van de bonussen wordt immers nog niet geraakt aan de vele lucratieve onderliggende mechanismen die de sector eigen zijn. De case van Goldman Sachs toont aan dat de belangentegenstellingen veel dieper geworteld zitten en zich niet beperken tot het niveau van individuele fondsbeheerder of marktmaker. Er is een systeemcomponent die aangepakt zal moeten worden. MinimumkapitaalvereistenZonder systeemcorrecties blijft men aldus aanmodderen. Een eerste meer fundamentele ingreep betreft het optrekken van de minimumkapitaalvereisten voor financiële instellingen. Hiermee krijgen banken een dikker stootkussen alsook minder speelruimte om risico’s te nemen. Vanuit het Bazelcomité wordt sterk in die richting gedacht. Het optrekken van de reserveratio van 8 naar 10%, en wie weet zelfs hoger, is zeker aan de orde. Er wordt zelfs steeds meer gedacht in de richting van dynamische en anticyclische coëfficiënten. De idee komt vanuit Spanje overwaaien waar banken sinds 2000 verplicht werden om in goede tijden extra reserves aan te leggen. Die dienen als buffer voor wanneer het achteraf minder gaat. Volcker ruleMaar ook deze werkwijze is lang niet voldoende. Steeds meer is men de mening toegedaan dat minimumkapitaalvereisten een noodzakelijke maar onvoldoende voorwaarde zijn om te komen tot een stabiel financieel systeem. Er gaan stemmen op om dieper in te grijpen, onder meer in de structuur van de instellingen zelf. In de VS wordt deze gedachtegang aangegeven met de Volcker rule, genoemd naar de voormalige voorzitter van de Federal Reserve die vandaag nog steeds geroemd wordt omwille van de overtuiging waarmee hij in de jaren tachtig de inflatie aan banden heeft gelegd. Paul Volcker bepleit heden een afsplitsing van traditionele commerciële bankactiviteiten versus meer risicovolle afdelingen die handelen in aandelen of participeren in hefboomfondsen en private equity groepen. Zijn voorstellen leunen aan bij de principes van de Glass-Steagall Act die in 1933 werd ingevoerd onder het bewind van toenmalig president Theodore Roosevelt. De scheiding die men in 1933 heeft opgelegd, beoogde vooral het opwerpen van een veiligheidsmuur tussen het spaargeld van de burger en risicovolle aandelengerelateerde transacties. Dit was nodig om tal van belangenconflicten, die dus te vergelijken zijn met de meer gesofistikeerde constructies à la Goldman Sachs, van de baan te ruimen. In de aanloop naar de grote depressie spoorden banken hun klanten aan om te beleggen in aandelen van bedrijven waarin de bank zelf had geïnvesteerd. Wanneer dergelijke bedrijven in de problemen kwamen, werden ze vervolgens recht gehouden met bankleningen die op hun beurt werden ingedekt door spaargeld van de burger. Toen de zeepbel barstte, waren vele spaarders hun centen kwijt. De wet van 1933, die evenwel vanaf de jaren tachtig eerst geleidelijk en daarna drastisch werd versoepeld, legde bijgevolg een strikt onderscheid op tussen enerzijds commerciële banken die mogen werken met spaargeld van klanten en anderzijds investeringsbanken die dat niet mogen maar wel in risicokapitaal mogen stappen. Europa volgde destijds snel en in 1935 werd ook bij ons de Belgische bankenwet een feit. Beter toezichtAnno 2010 stuit de Volcker rule evenwel op een aantal fundamentele bezwaren. Het onderscheid tussen handel voor eigen rekening versus klanten is zeer dun en diffuus geworden, onder meer als gevolg van securitiseringstechnieken. Critici vrezen bijgevolg voor een terugkeer naar middeleeuwse financieringspraktijken. Een oplossing hieruit is de splitsing op het niveau van de instelling zelf door te voeren. Men zou banken kunnen verplichten om op de eigen balans depositotegoeden af te scheiden en enkel aan te wenden voor kredieten aan bedrijven, particulieren of overheden. Voor de financiering van overige en meer risicovolle activiteiten is men dan aangewezen op de geld- en kapitaalmarkten. Maar net zoals de Volcker rule kan ook dit systeem enkel goed werken mits een verbetering en vooral verbreding van het toezicht naar investeringbanken en hefboomfondsen. De crisis heeft aangetoond dat in tijden van calamiteiten alle financiële instellingen systeemrelevant worden. Scheidingsmuren worden dan gewoonweg omvergeblazen. Dat geldt ook voor Europa waar veel grensoverschrijdende activiteiten van banken nopen tot een al even grensoverschrijdende coördinatie van het toezicht. Voorlopig blijft het bij vrijblijvend overleg. Maar ook tussen de VS en Europa zullen nog heel wat meningsverschillen moeten worden overwonnen. Tot slot zullen de recente aantijgingen aan het adres van Goldman Sachs ongetwijfeld het debat over de hervorming van het financieel toezicht op derivaten en afgeleide producten aanwakkeren. Toeval of niet maar in de Amerikaanse senaat wordt er deze week gestemd over een wetsvoorstel dat de handel in afgeleide producten aan banden wil leggen. Door verplichte aangifte van de onderliggende contracten bij een centrale toezichthouder wil men deze markt transparant maken. Ook wil men een fonds van 50 miljard dollar oprichten dat gespijsd moet worden via allerlei heffingen op activiteiten van de financiële sector. Het fonds moet dienen om instellingen in problemen ter hulp te schieten maar is zeer omstreden omdat het net het omgekeerde dreigt te bewerkstelligen van wat het beoogt. Als instellingen weten dat ze in geval van nood een beroep kunnen doen op het fonds dan zijn ze misschien geneigd om meer risico’s te nemen. De kans is groot dat het fonds precies om die reden zal worden afgevoerd. |
Reacties