
Geert Janssens (1968) is hoofdeconoom bij VKW Metena en is licentiaat-doctorandus in de Economische Wetenschappen alsook Master in Corporate Finance. Hij publiceerde vooral rond macro-economische onderwerpen en de werking van de arbeidsmarkt.
| Loonkostenhandicap loopt verder op |
| Geschreven door Geert Janssens |
| maandag, 05 juli 2010 09:53 |
|
De totale loonkostenhandicap met de buurlanden was eind 2009 opgelopen tot 10%, ook na correctie voor productiviteit. In verhouding tot de eurozone beliep deze handicap zelfs 15%.
1. Planbureau kraakt wet op concurrentiekracht .Om te beginnen is er de recente studie van het Planbureau die aangeeft dat België in de periode 1996-2007 ten aanzien van haar drie belangrijkste handelspartners (Duitsland, Frankrijk en Nederland) een aanzienlijke verslechtering van haar loonkostencompetitiviteit liet optekenen. Twee zaken droegen daartoe bij: Ten eerste stegen de uurloonkosten in de Belgische private sector 2,7% sneller in vergelijking met onze drie buurlanden. Daarbovenop kwam een minder gunstige productiviteitsontwikkeling. Waar onze bedrijven in de betreffende periode 19,0% productiever werden, gingen ze bij de drie buren er 22,3% op vooruit. Een verschil van 3,3% in het nadeel van België. Die twee elementen bij mekaar opgeteld, komen we tot een bijkomende opbouw van onze loonkostenhandicap van 6,1% in de periode 1996-2007. Dit cijfer ligt bijna dubbel zo hoog als het getal van 3,3% waar in rapporten van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven wordt naar verwezen. De nieuwe cijfers van het Planbureau geven daarmee ook aan dat de wet van 1996, die gericht was op het behoud van competitiviteit, niet heeft gefunctioneerd. 2. Totale loonkostenhandicap met de drie buren bedraagt 10%Bij het cijfer van 6,1% dient ook nog de handicap van de periode voor 1996 opgeteld te worden alsook het nadeel dat na 2007 verder werd opgebouwd. Recent cijfermateriaal van het Duits Statistisches Bundesamt, Eurostat en OESO leert dat ons land alles bij mekaar genomen tegen eind 2009 een totale loonkostenhandicap van 10% ten opzichte van de drie buurlanden heeft opgebouwd. Die wordt om te beginnen opgebouwd via hogere uurloonkosten. Cijfers van het Duits Statistische Bundesamt geven aan dat de loonkosten in België een stuk hoger liggen dan in onze buurlanden. Waar eind 2009 bij ons een uur arbeid 35,6 euro kostte, was dit bij onze drie belangrijkste handelspartners (EU-3 = Duitsland, Frankrijk en Nederland) slechts 31,6 euro. Dat is een verschil van 12,7% in ons nadeel. Die hogere kosten moeten evenwel gecorrigeerd worden voor onze hogere productiviteit. Op basis van cijfers van de OESO kunnen we het productiviteitsvoordeel van de Belgische economie inschatten op gemiddeld 2,8%. Dit is een gevolg van het feit dat een Belgische werknemer gemiddeld 54 euro aan toegevoegde waarde per uur opbrengt tegenover slechtgs 52,5 in de EU-3. Wanneer we het loonkostennadeel corrigeren voor deze betere productiviteit dan blijft een loonkostenhandicap over van bijna 10%. 3. De loonkostenhandicap met de eurozone bedraagt 15%Op basis van deze cijferbronnen komen we eveneens tot een loonkostenhandicap met de eurozone. In de eurozone kost een uur arbeid gemiddeld 27,1 euro. Dat is 31,4% minder dan bij ons. Dit uur arbeid brengt in de eurozone slechts 46,9 euro aan toegevoegde waarde op. Een verschiil van 15,1% in ons voordeel. Alzo blijft er netto een loonkostenhandicap van meer dan 15% met de eurozone over . 4. Situatie is vergelijkbaar met 1982Deze loonkostenhandicap weegt zwaar op de economie en is van eenzelfde grootteorde geworden dan de handicap die begin 1982 noopte tot een devaluatie van de Belgische frank (zie figuur). Vermits binnen het eurogegeven een devaluatie niet meer kan, zullen we de loonkostenhandicap deze keer moeten wegwerken via een interne devaluatie. Dit vergt een hoge mate van loondiscipline, bijvoorbeeld door de loonkostenevolutie te koppelen aan die van Duitsland. Een verlaging van de lasten op arbeid kan ook daartoe bijdragen. Figuur: Loonkostenhandicap t.o.v. EU-3 en EU-15 (1982=100) Bron: OESO, eigen berekeningen |
Reacties